Vledder boog zich naar voren.
“Ik heb mij suf gepiekerd, maar kwam er niet uit. Hoe wist jij dat Peter van de Valkenhorst de moordenaar was en hoe wist jij dat hij om acht uur naar het kantoor van de stichting zou komen om Petra van Sliedrecht aan te vallen?”
De Cock glimlachte.
“Dat zijn twee vragen. Om met de eerste te beginnen…de vlekken op de overhemden van de slachtoffers.”
“Wat is daar mee?”
De Cock antwoordde met een wedervraag.
“Wat vonden wij na zijn arrestatie bij het fouilleren?”
“Een nieuw wurgkoord met stokjes.”
“En?”
“Een plastic zakje met suiker.”
“Verbaasde je dat niet?”
Vledder trok zijn schouders op.
“Ik vond het vreemd.”
De Cock stak zijn handen naar voren.
“Een overhemd met eigeel; een overhemd met eiwit; een overhemd met whisky; een zakje suiker dat hij zeker over Petra van Sliedrecht had uitgestrooid wanneer hij haar gewurgd had achtergelaten. Vier ingrediënten voor het maken van…Crème Beauvoir.”
Vledder kneep even zijn beide ogen dicht.
“Het toetje dat de moeder van Peter vroeger bereidde om Alexander de Rijke na een kleine onenigheid weer gunstig te stemmen.”
De Cock knikte.
“Die vlekken op de overhemden van de slachtoffers vormden in feite een hommage…een eerbetoon aan zijn verwekker… Alexander de Rijke. In feite wilde hij hem door zijn daden gunstig stemmen.”
Vledder zwaaide.
“En mijn tweede vraag?”
De Cock pakte zijn glas en nam een tweede slok van zijn cognac.
“Toen ik door die vlekken de overtuiging had gekregen dat Peter van de Valkenhorst de moorden had gepleegd, heb ik om de medewerking van Petra van Sliedrecht gesmeekt. Echt gesmeekt. Ik wist niet wie ik anders in vertrouwen kon nemen.
Gelukkig stemde ze toe.
Ik heb haar een brief aan Peter laten schrijven waarin zij uiteenzette waarom zij wist dat hij verantwoordelijk was voor de dood van Von Bodenwerder, Van Hogenbroek en Van Lochem. Ze stelde hem in die brief voor om te onderhandelen over de positie van leidster van de stichting in ruil voor haar zwijgen.”
“Die tekst is van jou?”
De Cock knikte.
“Ik ben goed in die dingen. Ik hoopte en verwachtte dat Peter van de Valkenhorst in Petra een ernstige bedreiging zou zien…te gevaarlijk om haar in leven te laten.”
Fred Prins lachte.
“Goed gegokt.”
De Cock keek zijn kring van vrienden rond.
“Nog vragen?”
Toen niemand reageerde leunde De Cock in zijn fauteuil achterover. De uiteenzetting had hem vermoeid. Hij schonk nog eens in.
Mevrouw De Cock repte zich naar de keuken en kwam terug met schalen vol lekkernijen en liep presenterend rond. De oude rechercheur placht op strikt vertrouwelijke momenten wel eens te onthullen dat hij zijn lang-en-gelukkig huwelijksleven mede dankte aan de culinaire gaven van zijn vrouw.
Het was al vrij laat toen de laatste gasten vertrokken. De Cock liet zich onderuitzakken in zijn fauteuil en nam zijn tweede glas.
Zijn vrouw schoof een poel bij en ging tegenover hem zitten.
“Ik heb het idee,” sprak ze liefjes, “dat je vanavond iets hebt verzwegen.”
De Cock keek haar onderzoekend aan.
“Wat?”
“Wie verdoofde de slachtoffers met die verkrachtingsdrug?”
“Peter. Peter zei dat hij dat deed en dat niemand hem daarbij behulpzaam was.”
“Dat geloof jij?”
De Cock schudde zijn hoofd.
“Nee.”
“En?”
De Cock zuchtte.
“Ik ben na het verhoor van Peter naar Bussum gereden. Ik heb aan Samuel Ridderspoor gevraagd of hij bij zijn verklaring bleef.”
“Welke verklaring?”
“Dat hij de vrouw, die hem had verdoofd, niet zou kunnen herkennen.”
“Waarom?”
De Cock liet zijn hoofd iets zakken.
“Ik had het gevoel dat hij de identiteit van die vrouw wel kende en ik wilde daarover zekerheid.” De oude rechercheur keek weer op. “Het werd een wat vreemd gesprek dat uitmondde in een stilzwijgend gentleman’s agreement.”
“Een gentleman’s agreement?”
De Cock knikte.
“Samuel Ridderspoor gaf mij duidelijk te kennen dat hij nooit in staat zou zijn om zijn geheimzinnige bezoekster van die avond te identificeren. Toen zei ik: “Gelukkig…gelukkig…ik hoef Eva van de Valkenhorst niet voor medeplichtigheid of mededaderschap te arresteren. De familie is door de dood van Alexander de Rijke en de lange gevangenisstraf die Peter te wachten staat, al voldoende gestraft.”’”
Mevrouw De Cock keek op.
“Jurrian,” sprak ze teder, “soms ben je een lieve man.”
EOF
Academisch Medisch Centrum van de Universiteit van Amsterdam.
Gerechtelijk laboratorium te Rijswijk.
pyknische habitus : deftig voor ‘gezet figuur’.
Mattheus 24 vers 51.
Bargoens voor politie.