Guido Gezelle - Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten

Здесь есть возможность читать онлайн «Guido Gezelle - Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten» — ознакомительный отрывок электронной книги совершенно бесплатно, а после прочтения отрывка купить полную версию. В некоторых случаях можно слушать аудио, скачать через торрент в формате fb2 и присутствует краткое содержание. Издательство: Иностранный паблик, Жанр: Поэзия, foreign_antique, foreign_prose, foreign_poetry, на нидерландском языке. Описание произведения, (предисловие) а так же отзывы посетителей доступны на портале библиотеки ЛибКат.

Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten: краткое содержание, описание и аннотация

Предлагаем к чтению аннотацию, описание, краткое содержание или предисловие (зависит от того, что написал сам автор книги «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten»). Если вы не нашли необходимую информацию о книге — напишите в комментариях, мы постараемся отыскать её.

Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten — читать онлайн ознакомительный отрывок

Ниже представлен текст книги, разбитый по страницам. Система сохранения места последней прочитанной страницы, позволяет с удобством читать онлайн бесплатно книгу «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten», без необходимости каждый раз заново искать на чём Вы остановились. Поставьте закладку, и сможете в любой момент перейти на страницу, на которой закончили чтение.

Тёмная тема
Сбросить

Интервал:

Закладка:

Сделать

Slaapt gij nog? De zangermonden,
zullende uwen lof verkonden
zoo gij wakker wordt, ze slaan
reeds hun liefste leisen 14 14 Liederen. aan!

Slaapt gij nog? De dichters dragen
droevig, dorre doorenhagen,
het geheugen, lang verbeid,
van uw’ zomerschoonigheid!

’t Water zucht, de blauwe lochten,
de aarde deunt 15 15 Deunen = 1. dreunen, daveren, schudden, trillen tengevolge van een hevig gedruisch, maar ook van blijdschap, voldoening, genot; 2. zingen, weerklinken van geluid. , vol minnetochten:
alles, alles wenscht om… och,
doorenhagen, slaapt gij nog?

HOE SCHITTERT MIJ DIE SPA TOCH

Hoe schittert mij die spa toch, als
gij, landman, uwen taaien hals
gebogen, langzaam eerselt 16 16 Aarzelen = achteruitgaan. , end’
nu hier nu daar Gods akker wendt!

De zonne komt u volgzaam na
en velt op uw geglimde spa,
terwijl gij zucht en arrebeidt,
den blik van heur’ hoogmogendheid.

En, spittende in dat hel gestraal,
zoo keert uw werkzaam akkerstaal
med een den grond, en zendt den schicht
terug naar mij, van ’t zonnelicht.

Daar speiten 17 17 Spatten. , uit den zwarten grond
der aarde, zoo veel stralen rond
uw’ delfspa, dat ’t een beeltenis
van Gods gevreesden bliksem is.

Doch neen: de duiven weten ’t wel,
dat ’t spawerk is en zonnenspel,
dit bliksemen, en hun vrije vlerk
vervolgt u, op uw akkerwerk.

De kwiksteert, zoo de duiven doen,
u nagaande, in zijn’ stouteschoen,
en vreest, alwaar hij wormen ziet,
uw’ spa noch heur geflikker niet.

Zoo volge ik ook, en geren ga
’k, van ’s morgens vroeg, den delver na,
hem dichtende, als hij lam en moe
van werken is, mijn deuntjen toe.

God vordere u, mijn brave man,
en, zoo ’t gebed u helpen kan
van een, die geerne uw’ weêrga ziet,
de spa en delve uw graf nog niet!

Maar mocht gij eens, uw werk voldaan,
den blijden oest 18 18 Oogst. zien binnengaan,
en zuchten: Die den arrebeid
mij zoet maakt, U zij dank gezeid!

O LEYE LIEF

O Leye lief, wat mocht u boozen;
wat ’s hemels kom, den vlekkeloozen,
weêrspiegeld in uw’ schoot, dat blauw
verliezen doen? Dat blauw, och armen,
dat donkert in de ontstelde barmen 19 19 Golven, watersprongen.
van uw geweldig watergrauw?

’k En hoorde u niet, op vroeger dagen,
en ’t was als of ze in slape lagen,
één glimmend glas, uw’ baren; daar ’t
nu brieschen is en woedend grimmen,
van breedgerugde waterkimmen,
die beurtlings berschen 20 20 Met kracht en spoed gaan. boordewaard.

Nog nooit en zag ik witgekoofde 21 21 Koove = vrouwenmuts (fr. coiffe).
gelederen rijen, den helm ten hoofde,
met zulk een daverend rukgeweld,
o Leye, als de ongetelde toppen
der witgekamde barenkoppen,
die rennen in uw waterveld!

Het klotst, het kleunt 22 22 Slaan, kloppen. , de golven stooten
het hooge schip, de smalle booten:
het danst, het deunt 23 23 Daverend schokken, schudden, trillen. , het roert, het maalt
alom, van ’t vlugge schuim, dat vedert;
van ’t zwalpend zop, dat weg- end- wedert;
en van den wind, die zegepraalt.

o Noorden, sluit uw dolle perken,
besnijdt dien boozen zoon zijn’ vlerken:
laat af, genoeg, genade! Hij
is koning, heere en baas gebleken:
laat licht en zonne u schoone spreken,
dat ’t windloos weêr en vrede zij!

Dan zal ik liefst, o Leysche boorden,
als ’t zomer is, en zwijgt in ’t Noorden
de felle reus, u volgend gaan;
dan zal ik weêr mijn hert vermeiden,
langs uw’ gegroende en stille weiden,
en in uw’ grond hun beeld zien staan.

HEMELLAWERKE HEET GIJ

Hemellawerke heet gij, wakkere en
snelgewiekte strale, die
’k, uit het zaailand opgestegen,
lijk nen vierpijl rijzen zie.

Striemen lichts ontlaat, en vonken,
’t vluchtend vierwerk; en zoo hoort
me u ook vluchtend henentieren,
als gij deur de wolken boort.

Hemellawerke, schoon van name en
sprake zijt gij, maar uw kleed,
’t valt te grauw toch: is ’t de reden
dat men grijslawerke u heet?

Ben ik grauw, het is van zeilen,
en van, altijd reisgezind,
zoo de grauwgedoekte schepen,
heen te varen, vóór den wind.

Hemellawerke, grijslawerke,
luchtleeuwerke, hemelwaard,
weg met u, ja, leeuwerkt helder,
op uw’ hooge hemelvaart!

Zingt en zeilt maar, al te zelden
hoore en zie ’k u, lieve; ’t gaat
beter hem, die, vroeg en spade
hoort u, ende gadeslaat.

Midden in Gods werken levend,
’t gaat hem beter, achter ’t land,
die u naziet, te elker stonde,
daar hij zaait en zeeuwt 24 24 Het gezaaide graan dekken met de uitgespitte aarde. en plant.

Ach, om niet is ’t, al te dikwijls,
dat gij dankend opwaarts stijgt,
daar geen mensch en is dien ’t aangaat,
of gij, schamele, zingt of zwijgt.

Horkt er niemand, ik zal horken,
wilt ge, in ’t droevig tranendal,
mij vertroosten, hemellawerke; en
ziet ons niemand, God ziet ’t al!

Hij zal zien en hij zal hooren,
hij, die vlerke en tale u gaf,
en die mij, in stad begraven,
wekken eens zal uit dit graf.

Dan verrijze ik, luchtleeuwerke;
zette ik zeil en vaar getroost
naar de hoogten, daar gij schouwend
eert den dagraad en den oost.

Naar de streken die mij wijzende
is uw’ vlerke en uw geschal,
en van waar ik, vrij en veilig,
niet meer, niet meer neêr en zal.

DE BOOMEN ZIEN ZWART

De boomen zien zwart, van de zwellende botten;
o zonne, wanneer zal uw’ macht, onbevaên 25 25 Onbevangen, ongehinderd, vrij. ,
weêr ’t springende blad, en de banden ontknotten,
waarin ’t twee drie maanden heeft houtvast gestaan?

Staat achter, o nijdig geweld van den winter;
houdt af uwen vuist, in de botten begint er
weer vreugdiger pulsslag en leven te slaan.

De boomen ontwekken, zij zidderen, zij beven;
zij striemen, dóór ’t blauwe geluchte, onbekleed;
doch staan ze al bewust schier en blij dat zij leven,
lijk machtige reuzen, ten strijde bereed.

Staat achter, o nijdig geweld van den winter;
uw rijk heeft een einde, in de boomen begint er
weêr hope te rijzen, weêr hulpe aan ons leed.

De boomen zien zwart, en hun’ dreigende schachten
staan veerdig en vrij, als de spere in de vuist
eens ridders, het teeken ten storme te wachten:
het klinke, en daar loopen zij henengedruischt!

Staat achter, o nijdig geweld van den winter;
de boomen slaan uit, en zoo zaan 26 26 Weldra, spoedig. herbegint er
weêr blijdag gevierd te zijn. Wreede, verhuist!

Читать дальше
Тёмная тема
Сбросить

Интервал:

Закладка:

Сделать

Похожие книги на «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten»

Представляем Вашему вниманию похожие книги на «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten» списком для выбора. Мы отобрали схожую по названию и смыслу литературу в надежде предоставить читателям больше вариантов отыскать новые, интересные, ещё непрочитанные произведения.


Отзывы о книге «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten»

Обсуждение, отзывы о книге «Bloemlezing uit Guido Gezelle's Gedichten» и просто собственные мнения читателей. Оставьте ваши комментарии, напишите, что Вы думаете о произведении, его смысле или главных героях. Укажите что конкретно понравилось, а что нет, и почему Вы так считаете.

x