Ze voelde een haast tastbare aanwezigheid, alsof Hailey Lizbrook bij haar in de badkamer was en haar aanspoorde om haar moord op te lossen.
*
Zack kwam een uur later thuis, net klaar met een twaalf uurs dienst bij de plaatselijke textielfabriek. Elke keer dat Mackenzie de geuren van vuil, zweet en vet aan hem rook, herinnerde het haar aan hoe weinig ambitie Zack had. Mackenzie had geen probleem met het werk op zich; het was een respectabele taak voor mannen die waren gebouwd voor lichamelijk en redelijk eentonig werk. Maar Zack had een goed diploma op zak en was van plan geweest om zich te laten in te schrijven bij een Universiteit om leraar te worden. Dat plan was vijf jaar geleden gemaakt maar ondertussen werkte hij nog steeds als ploegmanager bij de textielfabriek.
Tegen de tijd dat Zack thuis arriveerde, lag Mackenzie al op bed. Ze zat een boek te lezen en dronk haar tweede biertje. Ze was van plan om rond een uur of drie in slaap te vallen, vijf uur lang stevig te slapen, en dan de volgende ochtend om negen uur weer aan het werk te gaan. Ze had nooit veel belang gehecht aan slapen en had ontdekt dat ze als ze 's nachts meer dan zes uur sliep, de volgende dag moe en uit haar ritme was.
Zack kwam in zijn groezelige werkkleding de slaapkamer binnen. Aan de rand van het bed schopte hij zijn schoenen uit en keek naar haar. Ze droeg een tanktop en een strakke dames short.
“Hé schatje,” zei hij, zijn ogen gleden hongerig over haar lichaam. “Dit is nog eens leuk thuiskomen!”
“Hoe was je dag?” vroeg ze zonder op te kijken uit haar boek.
“Het was wel oké,” zei hij. “Maar nu ik thuis ben en jou zo zie is het ineens een stuk beter!” Hij liet zich op bed vallen en kroop naar haar toe. Zijn hand ging naar de zijkant van haar gezicht terwijl hij zich voorover boog om haar te kussen.
Ze liet haar boek vallen en draaide zich abrupt weg. “Zack, ben je gek geworden?” vroeg ze.
“Hoezo?” zei hij verstrooid.
“Je bent vies. En behalve dat ik zojuist een bad heb genomen, maak je ook nog eens de lakens vuil en vet en God alleen weet wat er nog meer op de lakens zal afgeven.”
“Jezus!” zei Zack geërgerd. Hij rolde van het bed en raakte doelbewust zoveel mogelijk van de lakens aan. “Waarom ben je toch zo een stijve trut?”
“Ik ben geen stijve trut,” zei ze. “Maar ik leef liever niet in een varkensstal. Trouwens, bedankt nog dat je je eigen rommel hebt opgeruimd voordat je naar je werk ging.”
“Oh, het is zo fijn om thuis te zijn,” sneerde Zack. Grijnzend ging hij de badkamer in en trok de deur achter zich dicht.
Mackenzie zuchtte en dronk de rest van haar biertje op. Daarna keek ze de kamer rond en zag de vuile werklaarzen van Zack op de grond liggen, en daar zouden ze blijven liggen tot hij ze morgen weer aantrok. Ze wist ook dat als ze 's ochtends opstond en naar de badkamer ging om zich klaar te maken voor het werk, zijn vuile kleren op een hoopje op de vloer zouden liggen.
Helemaal klaar mee, dacht ze, terugkerend naar haar boek. Ze las nog enkele pagina's terwijl ze naar het gekletter van Zack's douche in de badkamer luisterde. Ze legde het boek opzij en liep naar de woonkamer. Ze pakte haar koffer, droeg die naar de slaapkamer en pakte het meest recente dossier inzake de moord op Lizbrook eruit, wat ze van het bureau had meegenomen voordat ze naar huis ging. Ze wilde uitrusten, zelfs al was het maar voor een paar uur, maar ze wist dat het haar toch niet zou lukken om de zaak los te laten.
Ze keek de notities door en zocht naar details die ze misschien eerder over het hoofd hadden gezien. Toen ze er zeker van was dat alles goed onderzocht was, zag ze opnieuw de met tranen gevulde ogen van Kevin, en voelde zich gedwongen om het nogmaals opnieuw te bekijken.
Mackenzie was zo geconcentreerd bezig dat ze Zack niet zag binnenkomen. Hij rook nu veel beter en zag er, met alleen een handdoek om zijn middel, ook veel beter uit.
“Sorry voor de lakens,” zei Zack bijna afwezig terwijl hij de handdoek liet vallen en een boxershort aantrok. “Ik ben ... Ik weet het niet ... Ik kan me niet herinneren wanneer je voor het laatst echt aandacht aan me hebt besteed.”
“Je bedoelt seks?” vroeg ze. Ze stelde verrast vast dat ze eigenlijk best zin had in seks. Het was misschien precies wat ze nodig had om eindelijk te ontspannen en te kunnen gaan slapen.
“Niet alleen seks,” zei Zack. “Ik bedoel elke vorm van aandacht. Ik kom thuis en je slaapt al of je bent dossiers aan het doorlezen.”
“Je bedoeld nadat ik jouw dagelijkse rommel heb opgeruimd,” zei ze. “Je doet net alsof je nog bij je moeder woont die de rotzooi achter je kont opruimt. Dus ja, soms ga ik weer aan het werk om te vergeten hoe irritant jij kunt zijn.”
“Oh, is het weer zo ver?” vroeg hij.
“Wat bedoel je?”
“Je gebruikt je werk weer als een excuus om mij te negeren.”
“Ik gebruik het niet als een excuus om jou te negeren, Zack. Maar op dit moment maak ik me meer druk over de brute moordpartij op een moeder van twee jongens, dan dat ik me druk maak of jij wel genoeg aandacht krijgt.”
“En dat is de reden,” zei Zack, “ waarom ik geen haast heb om te trouwen. Je bent al getrouwd met je werk.”
Er waren ongeveer duizend opmerkingen die ze naar hem had kunnen terug slingeren maar Mackenzie wist dat het geen zin had. Ze wist dat hij in zekere zin gelijk had. Bijna elke nacht vond ze de dossiers die ze naar huis bracht interessanter dan Zack. Ze hield ongetwijfeld nog steeds van hem, maar er was niets nieuws aan hem - niets uitdagends.
“Welterusten,” zei hij bitter terwijl hij in bed kroop.
Ze keek naar zijn blote rug en vroeg zich af of het op een bepaalde manier haar verantwoordelijkheid was om hem aandacht te geven. Zou dat haar een goede vriendin maken? Zou dat haar een betere investering maken voor een man die doodsbang was voor het huwelijk?
De impuls om seks te hebben was weer verdwenen. Mackenzie haalde haar schouders op en keek weer naar de dossiers.
Als haar persoonlijke leven op de achtergrond zou moeten verdwijnen, dan was dat zo. Dit leven, volledig gewijd aan het zoeken naar de oplossing van een moordzaak, voelde voor haar hoe dan ook veel echter.
*
Mackenzie liep de slaapkamer van haar ouders binnen maar nog voordat ze door de deuropening stapte, rook ze iets waardoor haar zeven jaar oude maag begon te protesteren. Het was een pittige geur, die haar deed denken aan de binnenkant van haar spaarvarken, een geur vergelijkbaar met die van koperen centen.
Ze stapte de kamer binnen en zag het voeteneind van het bed, het bed waar haar moeder al een jaar of zo niet in had geslapen, een bed dat veel te groot leek voor alleen haar vader.Toen zag ze hem, zijn benen bungelend over de zijkant van het bed en met uitgestrekte armen alsof hij probeerde te vliegen. Overal was bloed: op het bed, aan de muur, zelfs op het plafond. Zijn hoofd was naar rechts gedraaid, alsof hij haar niet aan wilde kijken.
Ze wist meteen dat hij dood was.
Ze liep zijn richting op, haar blote voeten stapten in de spetters bloed op de grond. Ze wilde niet dichterbij komen, maar moest wel.
“Papa,”fluisterde ze al huilend.
Ze strekte haar hand uit, doodsbang, maar aangetrokken als een magneet.
Plotseling draaide hij zich om en staarde haar aan, nog steeds dood.
Mackenzie schreeuwde.
Mackenzie opende haar ogen en keek verward de kamer rond. De dossiers lagen op haar schoot verspreid. Zack sliep naast haar met zijn rug naar haar toe gedraaid. Ze haalde diep adem en veegde het zweet van haar voorhoofd. Het was maar een droom.
Toen hoorde ze het gekraak.
Mackenzie bevroor. Ze keek naar de slaapkamerdeur en stapte langzaam uit bed. Ze had de oude vloer in de woonkamer horen kraken, een geluid dat veroorzaakt werd als iemand door de woonkamer liep. Natuurlijk had ze geslapen en was ze net wakker geworden uit een nachtmerrie, maar ze had het echt gehoord.
Читать дальше