Albert Baantjer - Moord op de Albert Cuyp

Здесь есть возможность читать онлайн «Albert Baantjer - Moord op de Albert Cuyp» весь текст электронной книги совершенно бесплатно (целиком полную версию без сокращений). В некоторых случаях можно слушать аудио, скачать через торрент в формате fb2 и присутствует краткое содержание. Город: Utrecht, Год выпуска: 2011, ISBN: 2011, Издательство: De Fontein, Жанр: Детектив, на нидерландском языке. Описание произведения, (предисловие) а так же отзывы посетителей доступны на портале библиотеки ЛибКат.

Moord op de Albert Cuyp: краткое содержание, описание и аннотация

Предлагаем к чтению аннотацию, описание, краткое содержание или предисловие (зависит от того, что написал сам автор книги «Moord op de Albert Cuyp»). Если вы не нашли необходимую информацию о книге — напишите в комментариях, мы постараемся отыскать её.

Een neef van de beroemde rechercheur De Cock probeert de moord op te lossen op een jonge studente wier lijk wordt gevonden op de Albert Cuyp.

Moord op de Albert Cuyp — читать онлайн бесплатно полную книгу (весь текст) целиком

Ниже представлен текст книги, разбитый по страницам. Система сохранения места последней прочитанной страницы, позволяет с удобством читать онлайн бесплатно книгу «Moord op de Albert Cuyp», без необходимости каждый раз заново искать на чём Вы остановились. Поставьте закладку, и сможете в любой момент перейти на страницу, на которой закончили чтение.

Тёмная тема
Сбросить

Интервал:

Закладка:

Сделать

‘Het gaat om mijn dochter, hè?’ vraagt de vrouw. Ze kijkt Graanoogst angstig aan, en haar ogen smeken bijna om een ontkenning.

‘Is Christie Zeilmaker uw dochter?’ vraagt Graanoogst ernstig.

Ze knikt ademloos.

Hij trekt zijn wenkbrauwen op. ‘Ik zag op de voordeur een andere naam staan.’

‘Ik ben hertrouwd. Wat is er met Christie?’

‘Het spijt me heel erg om u te moeten meedelen dat uw dochter overleden is.’

Voordat hij verder kan gaan, barst de vrouw uit in een rauw, ongebreideld verdriet. Ze laat zich schuin opzij in foetushouding op de bank vallen, met tegen haar lichaam gebalde vuisten, en huilt met gierende uithalen.

Graanoogst gaat wat onhandig naast haar zitten, tilt haar bovenlichaam wat op, drukt haar zo goed als het gaat tegen zich aan en klopt haar op de rug.

Ineens zit ze rechtop. Ze kijkt hem aan. ‘Hoe is het gebeurd? Hoe is ze overleden?’

‘Dat is nog niet helemaal duidelijk,’ zegt hij voorzichtig. ‘Ze is op straat gevallen, vanuit haar appartement. De omstandigheden zijn nog niet helemaal duidelijk.’

‘Op straat gevallen? Vanuit haar zolderkamer? Dan moet ze het dak op zijn gegaan. Waarom doet ze zoiets?’

‘Het dak op?’ vraagt hij niet-begrijpend. ‘Haar appartement heeft een groot openslaand raam naar de Albert Cuyp.’

Ze schuift wat verder van hem vandaan. Haar gezicht is een groot vraagteken. ‘We hebben het toch over Christie? Ze woont op een zolderkamer aan de Kleine Wittenburgerstraat. Daar stuur ik altijd mijn brieven en kaarten naartoe. En dat staat ook als afzender op de briefjes die ik van haar krijg op mijn verjaardag en met Moederdag.’

Zijlstra komt binnen met twee kopjes koffie en zet die op de lage salontafel voor de bank neer. ‘Ogenblik,’ zegt hij, ‘suiker en melk volgen zo. Ik kon zo gauw nergens een dienblad vinden.’

‘Naast het aanrecht,’ zegt de vrouw automatisch.

Graanoogst pakt zijn notitieboekje. ‘Hier heb ik het. Appartementencomplex Albert Cuypstraat 146, appartement F, daar woonde ze. Dat stond ook op haar naambordje: C.M. Zeilmaker.’

‘Christine Maria,’ mompelt de vrouw.

Zijlstra, die net weer uit de keuken komt, glimlacht bij het horen van die namen. Hij probeert de blik van zijn collega te vangen, maar die is te druk met het gesprek.

‘Hebt u hier foto’s van uw dochter?’ vraagt Graanoogst.

Ze knikt, staat op en pakt een foto van een plank in het wandmeubel waarin ook de televisie staat; een model van bescheiden afmetingen.

Op de foto staat een tienermeisje tussen een jongere uitvoering van de vrouw en een grote man met grijzende slapen. ‘Deze foto is al enige tijd geleden genomen,’ constateert Graanoogst.

‘In het jaar van haar eindexamen,’ beaamt ze. ‘Drie jaar geleden.’ Ze wijst. ‘Dat is mijn man, Gerrit Bosch, de stiefvader van Christie.’

‘En de vader van Christie is…?’

‘Overleden.’ Ze maakt een bijna verontschuldigend gebaar. ‘Toen Chris twaalf was. Kort daarvoor was Sylvia, haar oudere zus, het huis uit gegaan.’

Graanoogst maakt een aantekening. ‘Ging Sylvia ook studeren?’

‘Nee, die is getrouwd en heeft inmiddels twee kinderen. Ze woont in Sluis.’

‘In Zeeuws-Vlaanderen, dus,’ zegt Graanoogst. ‘En wat studeerde Christie?’

‘Chris studeert… studeerde…’ Ze bijt op haar lip en het duurt even voordat ze verder kan praten. ‘Toeristenmanagement. Aan de Hogeschool van Amsterdam.’

‘En betalen uw man en u haar studie, als ik het vragen mag?’ Ze schudt haar hoofd en glimlacht triest. ‘Nee, daar hebben we het geld niet voor. Gerrit is postbode in Kruiningen, hier vlakbij. Hij is nu aan het werk. Ik kan hem wel even bellen, als u dat wilt.’

‘Nee, dat is niet nodig. U zult hem ook moeten vertellen wat er gebeurd is, dat kunt u waarschijnlijk beter straks doen, als wij weer weg zijn.’ Hij neemt een slok koffie. ‘Uw dochter had dus een studiebeurs.’

‘Ja, gedeeltelijk. Ze deed ook wat werk voor een modellenbureau. Fleur de Lille, of Fleur de Lys, zoiets.’

Graanoogst kijkt haar opmerkzaam aan, maakt nog een aantekening en doet dan suiker en melk in zijn koffie. Nadat hij een slokje genomen heeft, vraagt hij: ‘Had u goed contact met uw dochter?’

Er glijdt een schaduw van verdriet over het ingevallen gezicht van de vrouw. ‘Het spijt me om het te moeten zeggen, maar nee. Niet echt. Anderhalf jaar geleden is ze hier voor het laatst geweest, met kerst.’

‘En hebt u haar wel eens opgezocht in Amsterdam?’

Beschaamd antwoordt ze: ‘Chris wilde niet dat we haar hielpen met haar verhuizing, dat heeft ze allemaal zelf geregeld. En we mochten ook niet bij haar op bezoek komen.’

‘Waarom niet?’ wil Graanoogst weten.

‘Gerrit en Chris, weet u.’ Weer maakt ze dat bijna verontschuldigende gebaar. ‘Die liggen elkaar helemaal niet. Dat is zo jammer.’

‘Hebben ze echt ruzie?’ dringt hij aan.

‘Als u het niet erg vindt, wil ik daar liever niet over praten,’ zegt de vrouw en ze slaat haar ogen neer. ‘Wanneer mag ik Chris zien?’

Graanoogst wisselt een snelle blik met Zijlstra. ‘Het lijkt ons het beste als u morgenochtend met uw man naar Amsterdam komt. Dan regelen wij dat u Christie formeel kunt identificeren. En dan willen we na afloop graag nog een gesprekje met uw man en u op het bureau, om de nodige gegevens op te tekenen.’

Ze knikt en drinkt koffie. De tranen beginnen weer te stromen. ‘Heeft ze veel pijn gehad, voordat ze…?’

‘Nee, helemaal niet,’ antwoordt Graanoogst snel. ‘Ze moet meteen dood zijn geweest.’

‘Gelukkig,’ verzucht de vrouw.

Nadat ze zwijgend hun kopjes hebben leeggedronken, staan de twee mannen op.

‘Wij gaan weer terug,’ kondigt Graanoogst aan en hij legt zijn kaartje op de salontafel. ‘Ik laat mijn nummer hier achter, dan kunt u me altijd bereiken als er wat is. En we zien u graag morgen in Amsterdam.’

Zijlstra schudt haar de hand. ‘Nog gecondoleerd met uw verlies, mevrouw.’

‘Dank u wel, heren. Vindt u het erg als ik niet met u meeloop naar de deur?’

‘Nee, blijft u rustig zitten,’ zegt Graanoogst en hij klopt haar op de schouder. ‘We vinden het wel.’

Terwijl ze naar de dienstauto lopen, overhandigt Graanoogst de autosleutels aan zijn collega.

Bij diverse huizen aan de overkant en ook in het rijtje waar de familie Bosch woont, bewegen de vitrages.

‘We worden in de gaten gehouden,’ zegt Zijlstra zodra ze in de auto zitten.

‘Sociale controle heet dat,’ antwoordt Graanoogst.

Als ze even later de bebouwde kom uit zijn en de provinciale weg op rijden, merkt Zijltra op: ‘Die mensen wonen heel wat minder luxe dan hun dochter, moet ik zeggen.’

‘Dat is ook niet zo raar.’

Als Zijlstra verbaasd opzij kijkt, verduidelijkt Graanoogst: ‘Dat modellenbureau waar ze het over had, waar Christie wat bijverdiende.’

‘Ja?’

‘Fleurs de Lys. Dat ken ik.’

‘Betalen die zo goed, dan?’ vraagt Zijlstra, licht geërgerd doordat zijn collega in raadselen spreekt.

‘Ja, dat mag ook wel,’ zegt Graanoogst droog. ‘Het is namelijk een escortbureau. Een van de betere. Valt me van je tegen, maat, dat je zulke dingen niet weet!’

‘Hé, ik ben niet getrouwd!’ werpt Zijlstra lachend tegen. ‘Ik heb geen escortservice nodig!’

‘Zet de radio maar weer aan,’ doet Graanoogst quasibeledigd.

15

Terug op het bureau treffen ze Van Amerongen en Ringeling aan in de ruime werkkamer van Albert ter Schegget, hun directe superieur.

‘Goed dat jullie er zijn,’ zegt de inspecteur en hij wijst uitnodigend naar een paar stoelen aan de vergadertafel in zijn kamer. ‘Latifa en Carla zijn net verslag aan het uitbrengen van de vorderingen in het onderzoek in de zaak-Zeilmaker.’

Читать дальше
Тёмная тема
Сбросить

Интервал:

Закладка:

Сделать

Похожие книги на «Moord op de Albert Cuyp»

Представляем Вашему вниманию похожие книги на «Moord op de Albert Cuyp» списком для выбора. Мы отобрали схожую по названию и смыслу литературу в надежде предоставить читателям больше вариантов отыскать новые, интересные, ещё непрочитанные произведения.


Отзывы о книге «Moord op de Albert Cuyp»

Обсуждение, отзывы о книге «Moord op de Albert Cuyp» и просто собственные мнения читателей. Оставьте ваши комментарии, напишите, что Вы думаете о произведении, его смысле или главных героях. Укажите что конкретно понравилось, а что нет, и почему Вы так считаете.

x